Financiering
Financieringsbehoefte
Op basis van de meerjarige prognose met betrekking tot benodigde en beschikbare financieringsmiddelen wordt bepaald of in de meerjarige financieringsbehoefte wordt voorzien.
De verwachting is dat in 2027 naast de reeds aangetrokken financieringsmiddelen, € 7,0 miljoen aan nieuwe financiering moet worden aangetrokken. Onderdeel van deze verwachting is dat Eigen Haard in 2027 de éénmalige afkoopsom van de nieuwe overeenkomst doet. Om fiscale redenen dient de definitieve datum van afkoop nog bepaald te worden.
De totale financieringsbehoefte in deze meerjarenbegroting bedraagt, rekening houdend met deze afkoop, € 59 miljoen.
De belangrijkste redenen van de nieuw aan te trekken leningen zijn enerzijds de investeringsverplichtingen, zoals de nieuwbouw van het zwembad en het kindcentrum Oosteindedriehoek, en het meerjaren projectenplan Buitenruimte en anderzijds de aflossingsverplichting van de bestaande portefeuille.
In bovenstaande prognose zijn niet meegenomen de afwikkeling van de deelneming van de gemeente Uithoorn in GPAG BV en een eventuele overname van het erfpachtbedrijf GPAG. De lasten van leningen die ten behoeve hiervan moeten worden afgesloten worden verdisconteerd in canoninkomsten dan wel de verkoopopbrengsten van de betreffende kavels.
De kasgeldprognose laat zien dat de ruimte om investeringen uit de reguliere kasstroom te financieren na 2030 beperkt is. Door de combinatie van investeringsuitgaven en aflossingsverplichtingen resteert slechts een beperkte vrije kasstroom. Wanneer het investeringsvolume op het huidige voorziene niveau van gemiddeld € 10 miljoen per jaar wordt voortgezet, zal aanvullende financiering nodig blijven en kan de schuldpositie verder toenemen. Dit vraagt om een bestuurlijke afweging over het gewenste investeringsvolume na 2030, dan wel over andere maatregelen om de financieringsbehoefte te beperken.
Uit de kengetallen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing volgt dat ondanks het aantrekken van externe financiering de netto schuldquote deze meerjarenperiode in de laagste bandbreedte blijft.
Het verloop van de financieringsbehoefte is opgenomen in onderstaande tabel. In de regel aantrekken nieuwe geldleningen staat het op te nemen bedrag aan externe financiering.
Bedragen * € 1.000 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Prognose stand schatkistbankieren 1 januari | 12.000 | 1.700 | 1.400 | 1.400 |
Kasstroom uit exploitatie | 14.700 | 4.800 | 4.600 | 4.600 |
Kasstroom uit investeringen | ||||
Erfpachtbedrijf GPAG BV | PM | |||
Meerjaren Investerings Programma | -21.600 | -18.200 | -3.800 | -1.600 |
MP Grondexploitaties | 2.200 | 8.600 | -1.500 | -1.300 |
Meerjarenprogramma Buitenruimte | -9.500 | -13.300 | -8.900 | -5.700 |
Kasstroom uit financiering | ||||
Aflossing bestaande geldleningen | -2.900 | -2.300 | -11.300 | -1.300 |
Aantrekken nieuwe geldleningen | 7.000 | 21.000 | 23.000 | 8.000 |
Aflossing nieuwe geldleningen | -200 | -900 | -2.100 | -2.500 |
Prognose stand schatkistbankieren 31 december | 1.700 | 1.400 | 1.400 | 1.600 |
Rentevisie
Na de renteverlagingen in de voorgaande periode is het rentebeeld in 2026 gedraaid. De Europese Centrale Bank heeft in juni 2026 de drie belangrijkste rentetarieven met 25 basispunten verhoogd, mede vanwege oplopende inflatiedruk door hogere energieprijzen en geopolitieke onzekerheid. De ECB geeft daarbij aan geen vaste rentekoers vooraf vast te leggen en de rentevergaderingen afhankelijk te maken van nieuwe economische en financiële data.
De inflatie in de eurozone is in juni 2026 gedaald naar 2,8%, tegenover 3,2% in mei. Daarmee ligt de inflatie nog boven de doelstelling van de ECB van 2% op middellange termijn. De ECB wijst erop dat de onzekerheid rond energieprijzen en de mogelijke doorwerking daarvan in de inflatie hoog blijft.
In Nederland is de inflatie in juni 2026 gedaald naar 2,9%, tegenover 3,5% in mei. Volgens het CBS werd deze daling vooral veroorzaakt door de prijsontwikkeling van motorbrandstoffen en accommodaties.
De kapitaalmarktrente is in juli 2026 opgelopen. De rente voor de middellange en lange termijn ligt eind juli tussen de 3,6% en 3,8%.
Voor de rentelasten die wij in de programmabegroting 2027 voor de nieuw af te sluiten leningen hebben opgenomen, gaan wij voorzichtigheidshalve uit van een rentepercentage van 4%. Gelet op de actuele kapitaalmarktrente, de onzekerheid over energieprijzen, geopolitieke ontwikkelingen, inflatie en toekomstige overheidsuitgaven wordt dit enigszins voorzichtige uitgangspunt gehanteerd.
Langlopende leningen
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de bestaande leningenportefeuille per 31 december 2027.
Lening (bedrag x € 1.000) | Oorspronkelijk bedrag | Aflossings- wijze | Afloopdatum | Rente percentage | Rente- bedrag | Schuld- restant | Weging in portefeuille |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
BNG leningnr.40.111.029 | 5.000 | Lineair | 24-1-2027 | 0,5700 | 3,03 | 0 | 0,00% |
BNG leningnr.40.111.945 | 10.000 | Lineair | 12-6-2028 | 0,7250 | 17,74 | 1.000 | 4,48% |
BNG leningnr.40.113.453 | 10.000 | Fixe | 16-12-2029 | 0,2500 | 25,00 | 10.000 | 44,78% |
BNG leningnr.40.113.455 | 10.000 | Lineair | 31-1-2030 | 0,0500 | 2,02 | 3.000 | 13,43% |
Prov Noord-Brabant | 10.000 | Lineair | 28-2-2052 | 1,0100 | 88,09 | 8.333 | 37,31% |
Totaal vaste schuld | 45.000 | 135,89 | 22.333 | 100% |
Langlopende uitzettingen en garantstellingen
Aalsmeer heeft uitsluitend langlopende uitzettingen die vallen onder de publieke taak. Een gedeelte van de opbrengst van de verkoop van de aandelen Bouwfonds staat uit bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVn). Deze gelden worden specifiek aangewend voor projecten voor volkshuisvesting. Daarnaast heeft de gemeente nog een bedrag uitstaan bij het SVn voor duurzaamheidsleningen.
Ook heeft de gemeente garantstellingen verleend. Het laatste overzicht van de garantstellingen is onderdeel van de jaarstukken 2025.
